levensdoel – stap 1 – Terugblikken

Kijken naar je verleden

Denk terug aan je jeugd (± 0-12 jaar)

kluizenaar of heremiet uit de tarot
Rider Waite Tarot

Wat waren de activiteiten waar je plezier in had? Denk daarbij aan school en buitenschoolse activiteiten waaronder ook gewoon op straat spelen, verstoppertje e.d. (mits je dat leuk vond). Wat wilde je worden, wat waren je dromen voor je toekomst?

Speelde je graag alleen of juist niet. Had je veel vriendjes en/of vriendinnetjes?

Waarin blonk je uit? Wat kon je goed? Dit kan van alles zijn, zoals hardlopen, rekenen, je zin krijgen. Als je vindt dat je nergens echt in uitblonk, waar was je dan (redelijk) goed in en wat kon je het beste? En nog belangrijker, wat vond je het leukst? Noem minimaal 3 dingen.

Denk terug aan je tienerjaren (± 12-18 jaar)

Wat waren de activiteiten waar je plezier in had op school en in je vrije tijd? Wat wilde je worden, wat waren je dromen voor de toekomst? Hoe dacht je dat je leven eruit zou zien?

Had je een bijbaantje? Zo ja, wat voor werk deed je? Hoe was je er aangekomen? Vond je het leuk? Welke aspecten bevielen je en welke niet?

Had je veel vrienden of juist niet.

Waarin blonk je uit? Wat kon je goed? Noem minimaal 3 dingen.

Denk terug aan je studietijd of de begin periode van je werkzame leven (± 18-21 jaar)

Wanneer je bent gaan studeren (MBO, HBO of WO), wat ben je dan gaan studeren en waarom? Hoe beviel de studie? Waar blonk je in uit, wat kon je goed? Wat vond je het leukst? Denk hierbij aan deze periode in de breedste zin Het is mogelijk dat je de studie maar zo-zo vond, maar dat je het in sociaal opzicht uitstekend naar je zin had.

Wanneer je bent gaan werken, wat voor werk ben je gaan doen en waarom? Wat vond je leuk, wat kon je goed.

Wat deed je in je vrije tijd?

Wat waren je dromen en ambities voor je toekomst? Denk hierbij ook aan zelfstandig gaan wonen en hoe je je dat voorstelde.

Denk nu aan je huidige leven

Wat doe je het liefst? Wanneer voel je je tevreden of zelfs gelukkig?

Bij wat voor activiteit heb je het gevoel dat je leeft? Wat geeft je energie?

Wat kun je uren doen, waar kun je helemaal in opgaan?

Getest?

Ben je wel eens uitgebreid getest voor beroepskeuze bijvoorbeeld? Wat kwam daaruit?

Samenvatten: Lees alles door wat je hebt opgeschreven. Kun je daar een rode draad uithalen? Zo niet, maak je daar dan niet druk om. Zijn er doelen of dromen bij je opgekomen die je een beetje was vergeten of had weggedrukt terwijl je bezig was met dit zelfonderzoek? Zo ja, schrijf die dan op.

Tarotcheck

Je kunt nu drie (of meer) tarotkaarten trekken om je samenvatting te checken. Stem je vraag af op hoe je je voelt over de uitkomst van bovenstaande oefening. Je vraag aan de tarot zou kunnen luiden: Wat is de rode draad? Je zou ook kunnen vragen: Zie ik iets over het hoofd?

>> Stap 2 – Ouders